google certified
gezondleven.nl
-web.net
Zoeken

home


Vorige pagina

Je bent op:

Voeding


De tien topkeurmerken op voeding

Lesje etiketten-lezen in de supermarkt

Volgens Milieu Centraal zijn er slechts 10 topkeurmerken van de 100 beeldmerken op voeding. De voorlichtingsorganisatie adviseert consumenten
alleen
naar deze keurmerken te kijken tijdens het winkelen, omdat ze hoge eisen stellen aan het milieu, eerlijke handel, dierenwelzijn en hun controle.

De volgende tien keurmerken zijn uitgekozen als topmerken, de beoordeling is terug te vinden in de Keurmerkenwijzer
- ASC
- Beter leven 2 en 3-sterren
- Demeter
- EKO
- Europees keurmerk voor biologisch
- Fairtrade
- MSC
- On the way to PlanetProof
- Rainforest Alliance
- UTZ

Classificatie
- Om als topkeurmerk geclassificeerd te worden moeten de merken minimaal 4 van de 5 punten scoren op: duurzaamheidsniveau (milieu, dierenwelzijn
en-of mens en werk),transparantie, betrouwbaarheid en betrokkenheid. De keurmerken moeten van een onafhankelijke partij zijn en elke partij die
aan de duurzaamheidseisen voldoet, moet het keurmerk op zijn product of dienst kunnen zetten.

Geloof een product niet op zijn mooie verpakking en verleidende beloftes. Een grasgroene verpakking met een ik-kies-bewust-sticker is niet perse
natuurlijk noch gezond. En trap niet in de grootste valkuil: de 0% vet of light-val. Veel mensen zien vet als vijand voor de gezondheid, maar we
weten inmiddels al wel dat niet al het vet slecht is en dat suiker meer ellende geeft dan vet. Dus wat doen veel fabrikanten? Voor het vet dat ze
weglaten (wat smaak geeft en een verzadigd gevoel geeft) voegen ze een andere stof toe: suiker. Ook tarwe, soja, mais en zoetstoffen worden veel
gebruikt. Dus draai de verpakking altijd om en lees het etiket grondig.

Tips om snel een etiket lezen doe je zo!

Check de volgorde ingrediŽntenlijst
- De grondstoffen waarmee het product is gemaakt staan bij het kopje ingrediŽnten. De lijst met ingrediŽnten op het etiket staat altijd op
volgorde. Fabrikanten zijn verplicht het meest gebruikte ingrediŽnt als eerste te noemen op de verpakking, het minst gebruikte is de
hekkensluiter. Zo is het meest gebruikte ingrediŽnt voor broodbeleg vaak suiker, kijk maar eens op je pot chocopasta, jam of hagelslag. Zie je
suiker als eerste op de verpakking van een pak†tomatensoep staan? Dan bestaat de soep dus voornamelijk uit suiker.†Trek dan je twijfel over
hoe†puur en gezond de tomatensoep†in het pak zit.
Lengte ingrediŽntenlijst
- Hoe langer de ingrediŽntenlijst, hoe meer kans op verborgen suikers of extra vetten in het product. Over het algemeen zijn producten met ťťn of
enkele ingrediŽnten de beste keuze.†
Vergelijk producten
- Een bewuste†keuze kun je alleen maken door producten te vergelijken. Pak twee†vergelijkbare producten uit het schap, draai de verpakking om en
bekijk†de voedingswaardetabel. Check bijvoorbeeld hoeveel calorieŽn en vezels in het product zitten en vergelijk de†hoeveelheden met elkaar.†
Check per 100 gram
- Je kunt producten het beste vergelijken per 100 gram en niet per portie. Fabrikanten bepalen namelijk zelf wat een portie is. Bij de ene
fabrikant is een portie 30 gram en de andere rekent 45 gram voor 1 portie.
CalorieŽn onder de loep
- Bevat het product per 100 gram meer dan 225 kilocalorieŽn (kcal), dan is het product†calorierijk. Voedingsmiddelen met minder dan 100 kcal per
100 gram zijn caloriearm.†
- Een eetpatroon met veel calorierijke producten kan zorgen dat je makkelijker aankomt. Het behouden van een gezond gewicht is een belangrijke
stap om de kans†op kanker te verkleinen.†††

Wat zijn E-nummers precies?
E-nummers zijn door de European Food Safety Authority (EFSA) goedgekeurde additieven die door voedingsproducenten worden gebruikt om hun
producten een bepaalde structuur, kleur, geur, smaak of langere houdbaarheid te geven.
- De EFSA stelt vast of een additief (E-nummer) in de Europese Unie gebruikt mag worden in voedsel. Additieven moeten eerst uitgebreid worden
getest op veiligheid. EFSA bestudeert wetenschappelijke studies, beoordeelt mogelijke toepassingen en bepaalt vervolgens of het additief wordt
toegestaan. Zo ja, dan stelt ze de maximale dosis vast.
E-nummers prijkten al steeds minder op de ingrediŽntenlijsten van voedingsmiddelen, maar ze gaan er meer en meer uit verdwijnen. Tenminste, als
de trend doorzet. Waarom kiezen fabrikanten daarvoor? Zijn E-nummers zo gevaarlijk?

E-nummers: gevaarlijk of niet?
De EFSA kan helaas niet 100% garanderen dat een E-nummer veilig is. Vaak duiken na verloop van tijd nieuwe studies op die aanleiding zijn voor
een ander oordeel.
- Van elk product lijkt het wel alsof je kunt kiezen uit minstens 10 soorten. De voedingsindustrie maakt slim gebruik van verschillende manieren
om een product aan te bieden. En dan al die kreten die ze erop vermeldenÖ Is het nu wel gezond, vetarm en suikervrij of zit er toch een addertje
onder het gras. Geen nood. Hieronder laten we stap voor stap zien hoe je de supermarkt kunt overleven.

E = Goedgekeurd
- Alleen door de Europese Unie goedgekeurde stoffen mogen toegevoegd worden aan ons eten, daar komt de E (van Europa) vandaan. Om het een beetje
overzichtelijk te houden Ė er zijn echt honderden stofjes Ė hebben ze allemaal een nummer gekregen. Zo hebben alle kleurstoffen een E-nummer
tussen de 100 en 180 en alle smaakversterkers een nummer tussen de 620 en 650.
- Producenten voegen ze toe aan etenswaren en dranken om er bijvoorbeeld voor te zorgen dat ze glanzen, niet klonteren, een bepaalde kleur
krijgen, zoeter smaken of langer houdbaar blijven. Maar ook aan zuurteregelaars, smaakversterkers, emulgatoren, conserveer- en glansmiddelen.
Deze hulpstoffen worden vaak in een fabriek geproduceerd, maar ze kunnen ook gemaakt worden van natuurlijke bronnen, zoals planten en dieren.
- Een stof krijgt pas zoín E-nummer als is vastgesteld dat deze geen bijwerkingen heeft en dat het gebruik geen risico met zich meebrengt. E-
nummers zijn misschien wel de best wetenschappelijk onderzochte stoffen in onze voeding. Het E-nummer zou dus moeten functioneren als een
geruststelling.

Van E naar chemische naam
- Het tegendeel is echter gebeurd. Een E-nummer is in de volksmond veel meer een waarschuwing geworden dat er met het product geknutseld is. En
dat is wel wat overdreven, want heel veel stoffen die als E-nummer gebruikt worden, gebruik je zelf ook in de keuken. Denk aan citroensap dat je
over een geschilde appel of een witlofsalade druppelt om bruinkleuren tegen te gaan. Of mosterd waarmee je een dressing bindt. Dat soort nuttige
toepassingen zijn prima.
- Hoewel E-nummers over het algemeen een vrij negatieve reputatie hebben, hebben ze veelal een belangrijke en nuttige functie. Zonder E-nummers
zouden veel voedingsmiddelen vele malen sneller bederven.
- De lijst met E-nummers is erg lang en de betreffende nummers hebben wonderlijke, chemische namen. Stuk voor stuk zijn het namen voor
hulpstoffen die aan je eten of drinken kunnen worden toegevoegd.

Heel veel soorten E-nummers en schuilnamen
Dat toevoegen gebeurt niet zonder reden. Er zijn zelfs veel verschillende redenen om deze stoffen toe te voegen. Zo kan de producent een product
meer kleur willen geven. Dat kan door toevoeging van een kleurstof (E-nummer 100-180). Een andere reden kan zijn dat de producent wil dat zijn
product langer bewaard kan worden. Om bederf door bijvoorbeeld schimmels en bacteriŽn tegen te gaan, kan er dan een conserveermiddel (E200-252)
worden toegevoegd.

Toegevoegd kunnen worden:
- Voedingszuren (E260-297, E322-385) om een product minder zuur te maken.
- Antioxidanten (E300-321) om de houdbaarheid te verlengen.
- Emulgatoren, stabilisatoren, verdikkings- en geleermiddelen (E400-495) om de textuur van een product te veranderen. Dus hoe een product voelt.
- Zuurteregelaars, antiklontermiddelen en rijsmiddelen (E500-586) om producten minder zuur te maken, minder te laten klonteren of sneller te
laten rijzen.
- Smaakversterkers (E600-650) om de natuurlijke smaak te versterken.
- Glansmiddelen, antischuimmiddelen (E900-914).
- Meelverbeteraars (E920-928).
- Verpakkingsgassen (E938-948).
- Zoetstoffen (E950-968, E420-421).

Check e-nummer checklist hieronder om te zien of je dit product wel wilt kopen.
- Aspartaam (E951) - Zeer gevaarlijk
- Glucose-Fructosesiroop
- Monosodium Glutamaat (MSG/E621) - Zeer gevaarlijk
- Transvetten (geharde of gehydrogeneerd plantaardig vet)
- Witte kleurstof titaniumdioxide (E171) - mogelijk kankerverwekkend bij inademing
- Natriumsulfiet (E221) - Zeer gevaarlijk
- Natriumnitraat (E251) - Zeer gevaarlijk
- BHA en BHT (E320) - Zeer gevaarlijk
- Zwaveldioxide (E220) - Zeer gevaarlijk
- Kaliumbromaat
- Azo kleurstoffen

De 10 meest onschuldige toevoegingen:
- 100 (Curcumine) - Veilig
- 162 (Bietenrood) - Veilig
- 163 (Anthocyaninen) - Veilig
- E306 (Tocoferol) - Veilig
- E440a (Pectinen) - Veilig
- E558 (Bentoniet) - Veilig
- E938 (Argon) - Veilig
- 939 (Helium)- Veilig
- 941 (Stikstof) - Veilig
- 949 (Waterstof) - Veilig

Checklist schuilnamen voor suiker
Etiketten weten suiker vaak goed te verstoppen. Maar kom je ťťn van de volgende schuilnamen tegen, dan weet je dat je het met the real deal te
maken
hebt.

- Sucrose
- Maltose
- Dextrose
- Lactose
- Galactose
- Fructose
- Glucose-fructose
- Sacharose
- Mout melasse
- Malt
- Kandij
- Muscovado
- Panocha
- Panela
- Treacle

Het meest beruchte E-nummer - E621.
- E621 heeft een bijzonder werking: het versterkt de smaak van een product. Dat maakt het voor de voedingsindustrie een handig hulpmiddel en het
wordt dan ook veel gebruikt. Er is maar een heel klein beetje van nodig om een product een smaakboost te geven. Je treft het daarom volop aan in
soepen, sauzen, bouillon en hartige snacks. E621 heeft een heleboel verschillende namen: ve-tsin, MSG, mononatriumglutamaat en gistextract. En
onder al die namen kan je het ook op de verpakkingen terugvinden.

Umami
De werkzame stof, dat wat echt voor de smaakversterking zorgt, is het glutamaat. Glutamaat is een aminozuur, dus een bouwsteen van eiwitten. Het
zorgt voor een vol en rond mondgevoel, glutamaat maakt het lekker. De smaak staat ook wel bekend als umami, de vijfde smaak naast zoet, zout,
zuur en bitter.

Veel producten bevatten van nature glutamaat en dus een umamismaak: tomatenpuree, Goudse kaas, Parmezaanse kaas, gedroogde ham, gedroogde
paddenstoelen, roquefortÖ Van alle glutamaat die je op een dag binnenkrijgt komt ongeveer 90 procent uit dit soort natuurlijke producten, slechts
10 procent is door fabrikanten toegevoegde smaakversterker.

Chinees-restaurant-syndroom
Glutamaat is een van de aminozuren die je lichaam zelf kan maken. De synthetische glutamaat - die uit de industriekeuken- wordt als veilig
beschouwd, anders had het ook geen E-nummer gekregen. Maar glutamaat wordt wel al heel lang verdacht de oorzaak te zijn van het 'Chinees-
restaurant-syndroom'. Al in 1968 schreef een onderzoeker in het British Medical Journal een aanklacht over E621. Hij kreeg altijd hoofdpijn na
Chinees eten en weet dit aan het gulle gebruik van ve-tsin in de Chinese keuken. Daarna volgden meer beschuldigingen, zoals migraine, pijn op de
borst en zelfs te veel eten omdat E621 het eten tť lekker zou maken. Wetenschappelijk bewezen is het allemaal niet. Nog onlangs - in 2016-
verscheen er in een wetenschappelijk tijdschrift voor hoofdpijn en pijn een artikel waarin heel veel onderzoeken naar de relatie tussen E621 en
hoofdpijn op een rij zijn gezet. Ook daaruit komt geen duidelijke relatie is tussen glutamaat en hoofdpijn naar voren.

Vermijden
Toch kun je goede redenen hebben om E621 te willen vermijden. Bijvoorbeeld omdat je wilt dat producten van zichzelf smaak hebben en dat je geen
zin hebt in kunstmatig opgepepte producten met een smaakversterker. De beste tip is dan: koop zo veel mogelijk producten zonder etiketten. Want
in onverpakt en pure voedingsmiddelen zoals groenten, fruit, peulvruchten, boerenkaas, vis en noten komen nu eenmaal geen toegevoegde
smaakversterkers voor.


Hoe herken je ingrediŽnten van dierlijke oorsprong?

Als veganist sta je vast regelmatig de ingrediŽntenlijst van producten te lezen in de supermarkt. De veel voorkomende ingrediŽnten zijn wel
duidelijk, maar van sommige ingrediŽnten is het lang niet altijd duidelijk of ze van dierlijke herkomst zijn.
- De E-nummers kunnen vaak een groot vraagteken oproepen.

ĎVerdachteí E-nummers
Sommige mensen vermijden E-nummers liever. Fabrikanten weten dat en vermelden daarom soms niet het E-nummer van bepaalde stoffen op het etiket
maar hun volledige naam. De onderstaande hulpstoffen kunnen van dierlijke oorsprong zijn. E120 en E904 zijn altijd van dieren gemaakt, van de
andere E-nummers kun je dat niet achterhalen.

Is melkzuur ook dierlijk?
Een bekend additief is melkzuur, ook wel E-nummer E270. Ondanks dat het als een dierlijk ingrediŽnt klinkt, gewoon plantaardig is.

Plantaardig of dierlijk?
Veel E-nummers zijn altijd plantaardig, maar er is ook een aantal dierlijke E-nummers.
- E120 (karmijnzuur) bijvoorbeeld, is een rode kleurstof gemaakt van luizen en
- E542 is beendermeel.
Ze staan wel op de verpakking, maar om ze in de winkel te herkennen, moet je een flinke lijst uit je hoofd leren.
- Gelukkig heeft de Nederlandse Vereniging voor Veganisme een heel handig overzicht gemaakt van alle dierlijke E-nummers. Alle overige E-nummers
die niet in dit overzicht staan, zijn dus gewoon vegan. Als je die op een plantaardig product ziet staan, kan je dat met een gerust hart eten.

Let er in de supermarkt ook op dat fabrikanten mogen kiezen of ze de naam of het E-nummer mogen vermelden. Scan de ingrediŽntenlijst dus niet
alleen op E-nummers, maar lees echt goed welke stoffen erin zitten.
Bron:
- WereldkankerOnderzoekFonds 2020
- VoedingNU 2019
- VeganMarleen 2017
- Gezondheidsnet 2017










































Wist je dat...

Luchtvervuiling: officiŽle doodsoorzaak?!

De Nederlandse lucht is ongezond.

We weten al lang dat luchtvervuiling ongezond is. Mensen in gebieden met veel groen zijn gezonder en leven langer dan wie in stedelijk en industrieel gebied woont. ....
Lees verder op wistje dat.